Onze gebiedscommissie is 1 jaar geworden. Felicitaties, want uit mijn beperkte ervaring en gesprekken met anderen begrijp ik dat die commissie goed werk doet. Tijd voor een kleine evaluatie dus. De meeste mensen die ik spreek vinden het een verbetering ten opzichte van vroeger. Een gebiedscommissie die de wensen van inwoners en bedrijven in Kralingen en Crooswijk vertaalt in ambtelijke taal en doorgeeft aan de gemeenteraad is waar we wat aan hebben. Meer dan aan de oude deelraad die dan weer wel, dan weer niet besluiten over iets kon nemen. Of zelfs teruggeroepen werd. Wel blijkt niet iedereen gelukkig met de onvoorspelbaarheid van de vergaderlocaties. Voor velen was er niets mis met de vergaderzaal in het voormalige deelgemeentekantoor aan de Oostzeedijk, anderen willen zelfs terug naar de Slaak.

Maar in de digitale interactieve wereld van vandaag is een zich verplaatsende commissie misschien wel beter. Goed opletten dus. Waar ikzelf veel moeite mee heb is de naam gebiedscommissie. Niet met het woord commissie, dat is absoluut beter dan de naam raad. Het suggereert overleg en diepgang. Nee, met het woord gebied. Bij het woord gebied denk ik altijd aan een stuk land, waarbij de grond centraal staat en mensen en gebouwen worden gedoogd. Zoals in het begrip landelijk gebied. En als het Kralingse Bos dan wordt geduid als stedelijk natuurgebied, dan weet je helemaal niet meer waar het woord gebied voor staat. Dus kunnen we nu de evaluatie afronden. Inhoud van de gebiedscommissie: goed. Locatie van vergaderingen: aandachtspunt. Naam gebiedscommissie: fout, we wonen niet in een gebied. Hoe moeten we het dan noemen? Na enige research kom ik tot de naam stadsdeelcommissie. Neutraal. We wonen in een stad. Een stad wordt dagelijks gemaakt door de mensen die erin wonen. Een stad kan niet bestaan zonder mensen. Een gebied wel. Laten we de commissie dus ‘stadsdeelcommissie’ noemen. Klinkt dubbel goed. We delen de stad met zijn allen en we wonen in een deel ervan. What’s in a name?

Eduard Schuringa